De Stedelijke Milities

In de 12de en13de eeuw worden de steden steeds rijker en trekken ze steeds meer mensen van het platteland aan. De steden beginnen zich ook op militair vlak te organiseren en richten stadsmilities op.

De steden organiseren zich op militair vlak

Alle weerbare mannen kunnen in tijden van onlust opgeroepen worden om in het stedelijke leger te dienen en het stadsbestuur houdt registers bij met de namen van de poorters en ambachtslieden die onderworpen zijn aan de krijgsdienst. In de vroege 13de eeuw organiseren zij zich voornamelijk volgens de wijk waarin men woont, maar tegen het einde van de eeuw groepeert men zich volgens de ambacht waartoe men behoort. De stad voorziet in uitrusting en wapens, maar de meeste mensen bezitten hun eigen wapenuitrusting en bewaren die thuis.

De Leugemeetefries
Deel van de Leugemeetefries uit Gent, gedateerd rond 1346.

De Stad trekt ten strijde

Een stadsmilitie is onderverdeeld in een aantal vouden. Een voud is zo'n 600 manschappen sterk en is proportioneel samengesteld uit contingenten van de poorters (per stadswijk) en de ambachtslieden (per ambacht). Hoe groter de eigen bevolkingsgroep, hoe meer krijgers dienen geleverd te worden. De wevers vormen traditioneel de grootste groep in een voud. In tijden van oorlog worden deze vouden samengevoegd om de militie te vormen. Volgens de grootte van de veldtocht kan het stadsbestuur een of meer vouden mobiliseren. Brugge bijvoorbeeld kan in het begin van de veertiende eeuw zo'n 12 vouden opstellen, en is in staat om een maximale troepenmacht van meer dan 7.000 man samen te stellen.

De stedelijke militie heeft als eerste taak de stadswallen te verdedigen tegen vijandige belagers. De territoriale vorst kan de verschillende stadsmilities opeisen om zijn grenzen te verdedigen. Hij kan ze echter niet in het buitenland inzetten zonder toestemming van de schepenen.

Het Brugse gemeenteleger

De Brugse militie bestaat in hoofdzaak uit zwaar voetvolk en boogschutters. Het zware voetvolk draagt pieken en goedendags en strijdt in dichte, aaneengeschaarde formaties. Het gewone voetvolk is per voud verdeeld in een aantal coningstavelrijen met elk twintig krijgslieden en zes paarden die twee bagagewagens trekken. Aan het hoofd van zo'n eenheid staat een coningstavel. De stad betaalt alleen de huur van de paarden en lastwagens. Voor de serianten (de gewone soldenier) is er geen of een uiterst minieme vergoeding. Voor de veldtocht naar Kortrijk wordt het aantal infanteristen naar gelang de gehanteerde methode geschat op ongeveer 3.000 man.

Boogschutters schieten in hoofdzaak met de kruisboog. Brugge heeft in 1302 een contingent kruisboogschutters dat geschat wordt op 16 coningstavelrijen met elk 19 schutters, 10 garsoenen of knechten en twee lastwagens. De artillerie van de stad bestaat dus uit zo'n 320 schutters die ondersteund worden door 160 garsoenen. Deze garsoenen dragen de grote houten schilden van de schutters, de targen, en zorgen voor de munitieaanvoer. De kruisboogschutters vormen een elitegroep en ontvangen een soldij van vier schellingen per dag, een bedrag dat nauwelijks moet onderdoen voor een gepantserde edelknaap. Kruisboogschutters worden gerekruteerd in alle delen van de stad en uit alle lagen van de bevolking.

Ook verplicht Brugge haar rijke poorters met een bezit dat groter is dan 300 Vlaamse Ponden om een eigen paard en eigen wapenuitrusting te onderhouden. Brugge vormt zo een poorterlijke ruiterij, die echter niet blijkt voor te komen in de stadsrekeningen voor het jaar 1302. Er wordt dus van uitgegaan dat de ruiterij niet deelnam aan de slag bij Kortrijk.

Tot slot heeft elke strijdmacht van de stad een oppercommando, dat samengesteld is uit de raad der schepenen en hun gevolg. Onder dit gevolg bevinden zich de trompetters die een stuk van de communicatie tussen de eenheden verzorgen en de garsoenen die de bagage van de aanvoerders verzorgen. Hun aantal wordt op zo'n 60 man geschat. Alles bij elkaar is dit een imposante strijdmacht die toch zo'n 8 ŗ 10 procent van de totale stadsbevolking uitmaakt.

Naar boven.
Terug naar begin van de pagina.

Volgende pagina.
Naar de volgende pagina.

Vorige pagina.
Naar de vorige pagina.














Email
Email ons!
Look at this page in English language.


Copyright op tekst, beelden en foto's bij Joris de Sutter, tenzij anders vermeld.
Deze informatie wordt ter beschikking gesteld door De Liebaart en werd laatst vernieuwd op 30 Maart 2001.